Ouders ogen geven

Marja van Bijsterveldt zit niet stil, maar zou soms wel eens wat beter na moeten denken. De Volkskrant besteedde gister, 30 november, ruim 2 pagina’s aan de bewindsvrouwe, en haar plannen om ouders meer bij school te betrekken. Maar uit een kolombreed artikel aan de rand van de krant blijkt nadrukkelijk dat b.v. haar plannen voor passend onderwijs niet gestoeld zijn op enig realisme. En een onderzoekster van het Centraal Plan Bureau wijst op de doorslaande toetscultuur: toetsen als doel i.p.v middel. Anderen gaan iets verder: ze zorgt voor een ware ‘toetsterreur’.

De onderzoekster, Ria Bronneman-Helmers, wijst er ook op dat de kinderen van nu creatiever zijn met kennis en veel beter communiceren. En daar ligt de sleutel naar een veel betere ouderbetrokkenheid, met relatief weinig investering van ouders.

In 2005 namen drie beta-wetenschappers, Robbert Dijkgraaf, Johan van Benthem en ondergetekende een initiatief, dat gepresenteerd werd onder de titel ‘TalentenKracht’. Het uitgangspunt was dat jonge kinderen veel meer kunnen dan ‘we’ denken. Creatiever zijn, nieuwsgierig, onderzoekend, probleem oplossend, en nog veel meer. Zij bepleiten meer inzicht in de onvermoede talenten van jonge kinderen (in een project dat inmiddels al zes jaar loopt) en vooral ook een andere blik van ouders op hun kinderen. “Ouders Ogen Geven” was daarbij een motto.

Het is zo simpel: geef kinderen de mogelijkheid om met ‘talentontlokkend’ speelgoed te spelen. Dat kan heel veel zijn: een eenvoudige luchtspuit, knikkerbaan, lego, kapla, speelgoedbeestjes, schelpen, enz. enz. en vraag zo af en toe een vraag die kinderen tot nadenken stemt. Binnen het project is dan ook veel aandacht om te kijken welk speelgoed werkt, en welke vragen werken.

De onderzoekers hebben niet stil gezeten en er zijn maar liefst zo’n 1800 videofilmpjes  gemaakt (door onderzoekers uit Utrecht) met daarop die fantastische jonge, nieuwsgierige en sprankelende kinderen. Een klassieker is de opname van een Katwijkse jongen, Wesley, die in de weer gaat met twee plastic luchtspuiten, verbonden door een slangetje. De sprankeling spat van het scherm (zie: TalentenKracht.nl), maar vooral ook zijn vermogen om heel snel allerlei belangrijke natuurkundige zaken op te steken, en daarbij toont hij een verbluffend staaltje van taalontwikkeling. Wesley begint met de constatering dat hij ‘het niet precies’ weet, tot de constatering dat het apparaat eigenlijk gewoon ‘ademt’. De investering van ouders zou in dit geval zijn: vier euro voor de spuit van de Hema, en drie minuten om een goede vraag te stellen. En als je de ouders van Wesley het interview laat zien is één zaak duidelijk: die ouders hebben ogen gekregen.

Ouders Ogen Geven is een sterke ‘methode’ om ouders op een uiterst functionele manier bij de ontwikkeling van hun oogappel te betrekken. Ze gaan zich verbazen over de verwondering en nieuwsgierigheid van het jonge kroost. Raken enthousiast, leggen verbanden met de schoolvakken, en overbruggen langzaam maar zeker de kloof tussen school en thuis, en maken de ouders op een natuurlijke manier meer ‘betrokken’ bij de ontwikkeling van hun kind. En voor de scholen liggen er prachtige mogelijkheden om ouders te helpen ogen te krijgen, dan krijgen de leerkrachten die vanzelf ook.

Terwijl ik dit zit te typen zegt Marja van Bijsterveldt op de radio: “Goed onderwijs begint thuis”. Ja, als je kinderen de kans geeft, en ouders ogen. En dat ziet de Minister nog niet helemaal helder.

De verwondering van Wesley (5 jaar oud) bij het ‘zien’ van de werking van de luchtspuit:

Screendump van video (Els feijs, Willem Uittenbogaard).

Tags: , ,

No comments yet.

Leave a Reply