Archive by Author

De Maya’s rekenen ermee

 

Een beetje spannend is het wel: kijken hoever je de leerlingen uit kunt dagen die nauwelijks gewend zijn buiten de gebaande paden te treden, dat wil zeggen taal en rekenen. Alhoewel….het onderwerp van vandaag leent zich uitstekend om hun inzichten betreffende het decimale stelsel te toetsen, dan wel te verdiepen: het getallenstelsel en de kalender van de Maya’s. De Maya’s? Nooit van gehoord. Degenen die denken een gokje te durven wagen komen met alle werelddelen aan, behalve Amerika. De onderbouw leerlingen zijn topografisch duidelijk minder onderlegd: zij weten de Amerika’s nauwelijks te vinden op de kaart, en lichte hints zoals:’Iets noordelijker’ slaan niet echt aan.

Vragen die gesteld worden door mij worden verbonden aan een introductiefilmpje van het History Channel, klik hier om te bekijken.

Negentig seconden lang, met een gezellig meedeinmuziekje op de achtergrond. De discussie daarover geeft de kinderen een beetje context: bijzonder volk, leefde van ongeveer 1000vC tot 1200 nC, kon goed schrijven en rekenen, had scholen, bibliotheken, sportstadiums, had uitstekende astronomen, een twintigtallig talstelsel (inderdaad: we hebben 10 vingers en 10 tenen), en dan natuurlijk de wereldberoemde kalender! Dat wist een enkeling dan weer wel: de aarde vergaat 21 december 2012.

Na wat plaatjes van de handelsstad El Mirador toen en nu gaan we wat dieper:

De Maya’s kenden net als ons ook het jaar nul, maar ze hadden daarvoor wel een andere datum, namelijk 13 augustus 3114 voor Christus (omgerekend). Vanaf die dag werd geteld en wel 5200 tuns (1 tun is 360 dagen) lang. Hun kalender was dus ontworpen voor ongeveer 5200 jaar: -3114 + 5200 is ongeveer 2012, vandaar dus. Dat vonden ze wel heel erg interessant.

Hoe bouw je eigenlijk zo’n pyramide, en waarom zie je over de hele wereld pyramides, terwijl die mensen echt geen contact met elkaar hadden? En hoe maak je daar gangen in zonder dat de boel instort?

Er was in de bovenbouw een jongen die net een spreekbeurt had gehouden over Zuid-amerikaanse culturen en ons wist te vertellen dat de vier trappen van zo’n pyramide 365 treden hadden. Waarop een andere knul; vroeg hoe dat nou kon: je kon 365 toch niet door 4 delen?

Op naar de kern van de zaak:

Een stuk uit een tempel, en zowel onderbouw- als bovenbouw leerlingen begrijpen haast intuïtief dat het tweede getal b. 6 moet zijn: vijf voor de balk en 1 erboven. Simpel. De andere vier getallen geven geen enkele leerling een probleem: a = 16, b = 6, c =16, d = 18.

Uit een Amerikaans boekje (Digging Numbers, Encyclopaedia Brittanica, 2007) waarvan ikzelf mede auteur ben komt de volgende bladzijde:

Dat het getal 17 en 19 worden geschreven zoals op dit blad wekt geen enkele verbazing: noch bij de onderbouw leerlingen, noch bij die van de bovenbouw. Maar dan komt het cruciale leermoment. Omdat de Maya’s uitgaan van een twintigtallig stelsel is het blokje ‘vol’ bij 19 ofwel drie balken van 5, en vier bolletjes van 1. Vervolgens vonden ze deze oplossing: gewoon een nieuw blokje erbovenop, voor de twintigtallen. Dus:

is 21, want het onderste blokje bevat 1 punt, en dat betekent gewoon 1 (x 1). Het ‘tweede verdieping’s blokje heeft 1 bolletje, dat betekent hier:  1 maal 20. Totaal dus 21. Prachtig om te zien hoe sommigen dit ‘onmiddellijk’ inzien, terwijl een enkeling toch even wil nadenken. Hier gaan leerlingen elkaar onderling ondervragen. De spanning in de groep stijgt. Maar alle leerlingen die er zijn komen minstens tot hier. De onderbouw heeft daar het volledige uur nodig, de bovenbouw drie kwartier.

De vraag die volgt na de intikkertjes a. en b. (antwoorden:  a =  106,  b =  53) is natuurlijk: ”Wat is het grootste getal dat je kunt maken met twee blokjes?”

Als je nog even terugkijkt naar de eerste opgaven weet je dat een blokje ‘vol’ is bij 19. Dat helpt behoorlijk om in te zien dat twee ‘volle’ blokjes op elkaar 399 opleveren: 19 x 1  plus 19 x 20.

Dat leidt tot de conclusie: de waarde van ieder bolletje in de volgende verdieping moet dan 400 zijn. “Ja”, roept een meisje enthousiast, 20 maal 20 natuurlijk!”. Ik vraag ze om nu zelf wat blokjes te maken, naar eigen invulling, en dan de getallen ernaast te zetten. Prachtig om te zien dat ze de uitdaging aangaan, en heel veel alkaars antwoorden en kunstwerken laten zien.

De les loopt ten einde, nog 5 minuten. Als samenvatting krijgen ze dit te zien:

 

Voor deze bovenbouwers bijna een belediging. Wat denk ik wel? Ok, ze willen een uitdaging? Kunnen ze krijgen: samen met de leerlingen bedenk ik een willekeurig getal. Het wordt  467839. Een getal met 6 ‘verdiepingen’ in ons stelsel: die verdiepingen zijn x 1,  x 10, x 100, x 1000, x 10000, x 100000. Zonder dat het gevraagd hoeft te worden merken ze op dat de Maya’s minder verdiepingen nodig hebben dan wij voor hetzelfde getal. Prachtig inzicht. Maar van de Maya notatie naar ons stelsel is een eitje vergeleken bij het omgekeerde. Ik geef toe: ik moest ook even nadenken, maar het handigheidje is simpel: de vijfde verdieping bij de Maya’s is 160.000 en de zesde maar liefst 3.200.000. Daar komen we dus niet.

Dan ligt de volgende vraag ‘voor de hand’: hoe veel moet er in het blokje van de vijfde verdieping? Simpel: meer dan twee bolletjes (2 x 160.000) gaat niet. Dus 320.000 is weggezet op de vijfde verdieping. Hebben we nog 147830 over. Dat laten we even aan de lezer over. Alle bovenbouw leerlingen kwamen er nu uit. Met vernieuwde en verdiepte inzichten. En ze vonden het ook nog leuk!

O ja, die kalender, die komt nog aan de beurt.

 

 

 

 

 

 

 

Twan verdomt

Twan Huys noemt verheerlijking Holleeder ‘flauwekul’

”Ik maak het programma nu vijf jaar en we hebben allerlei gasten te gast gehad.Om een misverstand weg te nemen, er komen niet alleen Nobelprijswinnaars in College Tour. We hebben ook een programma gemaakt met Nick Leeson, de bankier die Barings Bank heeft opgeblazen.”

Bovenstaande is geplukt vanaf Nu.nl. ‘Flauwekul’ vindt Twan Huys de ophef dat de Heer H. verheerlijkt wordt door zijn aanstaande optreden in College Tour. Flauwekul? Zelden zal deze uitdrukking zo ongepast worden gebruikt als in dit geval. Zoals zo vaak: als de opwinding zich van je meester maakt verlies je het vermogen tot logisch denken. Een klassieker is de reactie van Huys nu al. Immers: de verheerlijking ligt in het naakte feit dat hij uitgenodigd is, en het doet er nog nauwelijks toe wat H. gaat zeggen. Zelfs de baas van Huys verwacht niet dat hij moorden zal bekennen. Ook het cancellen van de gehele uitzending maakt niets meer uit: de verheerlijking is al definitief. Dan de politici die zeggen dat we eerst de uitzending moeten zien voordat we kunnen spreken van verheerlijking: dit wordt dan gezegd in een buitengewoon populair programma vanwege de uitnodiging aan H. Daarmee dragen ze actief bij aan de verheerlijking. Niet vanwege de uitzending, maar vanwege het voornemen. Nieuwswaarde en nieuwsgierigheid worden hier ernstig verward. De nieuwswaarde zal liggen in de kijkcijfers: die worden vast heel hoog. Voor een meer logische denkwijze verwijs ik graag naar de column van Nausicaa Herbe in de Volkskrant vanmorgen. Moet Twan maar lezen als bijscholing.

Verdomming en Rekenen

 

Minister Schultz (VVD) heeft een ‘verkeerd’ rekenmodel gebruikt voor het berekenen van de hoeveelheid fijnstof bij de A10. Fijntjes verzekerde ze onlangs nog dat nergens die grens zou worden overschreden. Een ambtenaar van haar Ministerie erkent dat er een fout model gebruikt is, maar ‘gemiddeld’ klopt het best aardig. Honderden, wellicht duizenden mensen krijgen, omdat ‘we’ wat harder willen rijden, schadelijk veel meer fijnstof binnen dan verantwoord. Veel meer astma en en andere ademhalingsproblemen zijn het gevolg. Niet voor de ambtenaren in Den Haag, of de Minister en haar partij: dit probleem wordt doorgeschoven naar Volksgezondheid. Gemiddeld is alles wel zo’n beetje op orde. Het probleem is dat je hier helemaal niet het woord ‘gemiddelde’ mag gebruiken. Waarschijnlijk is er sprake van een ernstige mate van verdomming, plus natuurlijk politiek opportunisme, dan wel manipulatie. Een grens is in dit geval een grens, dus de maximale waarde is het enige wat telt. Dat ervaar ik regelmatig als ik weer 4 km/u te hard heb gereden. De bonnen stapelen zich op. Terwijl ik gemiddeld echt ruim aan de norm voldoe.

jongeouderacademie.nl

WEBSITE: jongeouderacademie.nl

Het heeft even geduurd. Dat is waar. Maar in maart 2013 gaat de Jonge Ouder Academie echt van start. In 2005 verscheen de brochure ‘TalentenKracht’ van de hand van Robbert Dijkgraaf, Johan van Benthem en ondergetekende. De boodschap: jonge kinderen (3-6) kunnen veel meer dan we denken, zeker op het gebied van ‘wetenschappelijk’ redeneren en probleem oplossen: de nieuwsgierigheid en verwondering van jonge kinderen geeft ons genoeg kansen voor open doel. Met ‘ons’ worden in de eerste plaats de ouders bedoeld.

Ouders Ogen Geven
Niet voor niets is de titel van een paragraaf uit TalenetenKracht getiteld “Ouders Ogen Geven”. Dat zegt het precies: ouders moeten leren op een andere manier naar hun kinderen te kijken. Dat dat mogelijk is is de afgelopen jaren duidelijk aangetoond: eenvoudige ‘speelgoedjes’ kunnen er voor zorgen dat kinderen zich prachtig kunnen uiten, en ouders bewust maken van de mogelijkheden die ze hebben om op speelse manier het redeneren , probleemoplossen, onderzoeken van hun kinderen te bevorderen. Het gratis basispakket van de JOA bestaat uit drie bijeenkomsten (2 zonder, en 1 met kinderen), speelgoedmaterialen en een prachtig boek ‘Speel Goed’ Het boek zal in mei 2013 verschijnen, maar de jonge ouders kunnen er al in maart mee kennis maken.

De JOA is mogelijk dank zij genereuze facilitering van de RABO Bank Katwijk, en vrijwillers van het voormalige TalentenKracht team van de Universiteit Utrecht. Op dit moment is het niet mogelijk in te schrijven. Dat zal in Januari 2013 wel kunnen via de website Jonge Ouders Academie, en per invulformulier. De bijeenkomsten zijn bedoeld voor inwoners van de Gemeente Katwijk (Katwijk, Rijnsburg, Valkenburg). Uitbreiding naar andere wijkenen gemeenten is waarschijnlijk. Nieuws daarover ook hier te vinden.

Wij houden U op de hoogte!

Er is nog hoop voor onze kinderen

De regelmatige lezers (toch zeker een drietal) van mijn stukjes zullen mijn verontwaardiging kennen betreffende de koers van het Nederlandse Onderwijs, parmantig geleid door de Minister. Mijn eerste kolom ging over de teloorgang van het kind en daarna heb ik geduid hoe de veramerikanisering, of stalinisering, de ontreddering verder bevordert. De bewijsvoering voor mijn standpunten is niet moeilijk: gewoon logisch redeneren en om je heen kijken. Met nadruk op: om je heen, dus niet monomaan altijd weer de VS, een land dat de rode lantaarndrager is in de westerse wereld voor wat betreft het peil van het funderend onderwijs.

Het valt niet mee om een discussie over het Nederlandse onderwijs op gang te krijgen die over de kern gaat: het leren van kinderen. Eigenlijk enigszins verbazingwekkend. En de Volkskrant voorop, die mijn pennenvruchten niet publiekabel vond. En het blijkt nu toch weer, dat er mensen zijn, en wel van onbesproken gedrag, die mijn analyse delen en ondersteunen.

Uiteraard beperk ik mij tot de essentie. De lezer is tegenwoordig tamelijk ongeduldig. Punt 1 is dat het onderwijs geheel buiten de werkelijkheid staat. Mark Tucker (VS) heeft een boek gelezen van Paul Sahlberg over het Finse Onderwijs Wonder. Immers, Finland is ongeveer de westerse wereldkampioen in het OECD/PISA onderzoek. En, het kan niet op: hij heeft nog een boek gelezen van Andy Hargreaves en (inderdaad, de) Michael Fullan, over “Professional Capital”. Deze auteurs zijn het helemaal met elkaar eens. Zij, samen met Tucker, identificeren de Amerikaanse benadering de allerslechtste die denkbaar is als je onderwijs van wereldklasse wil. De korte definitie van die allerslechtste benadering: ”Competitie en Keuze, Standaardisering van leren en lesgeven, grotere nadruk of accountability (afrekenen), en leraren die excelleren extra belonen”. Ik verzin het niet, zo staat het er. Het is niet voor niets dat Bill Gates onze Marja van Bijsterveldt heeft gewaarschuwd.

Punt twee volgt gewoon uit 1: het model hierboven kort gekarakteriseerd, kortweg management model genoemd, hoort thuis in het begin van de vorige eeuw, toen we nog ‘basic skills’ nodig hadden. Zoals Tucker zegt: Routine skills hebben we absoluut niet meer nodig. Logisch redeneren, intuïtief denken, probleem oplossen: daar gaat het om in de 21e eeuw. Vandaar dat deze ‘skills’ nu door o.a. de OECD fantasievol de 21st Century Skills genoemd worden. Verder dan een goed rapport van de SLO/Ververs stichting, dat binnen de kortste keren in een lade belandde, is men in Nederland nog niet gevorderd. Trouwe lezers herkennen hierin de tweede kern van veel van mijn eerdere betogen.

Ten derde, en als belangrijkste: het Rapport van het Australische Grattan instituut. De Australische regering neemt het onderwijs wel serieus. Samen met het internationale bedrijfsleven werd een studie opgezet die het Ministerie van Onderwijs een houvast moest gaan bieden voor de toekomst. Daartoe werd tot in detail niet gekeken naar Finland (dat is wel zo’n beetje uitgekauwd), maar naar Singapore, Hong Kong, Shanghai, en wellicht het meest relevant, Korea. Dat is tenminste een echt ’land’. Want wat is er nu zo revolutionair aan de benadering in het verre oosten. De prioriteit ligt bij het kind !!! Dat is echt wel heel sensationeel. Hier schiet ik vol. Het kan dus gewoon. Later meer. Even verwerken.

Uitlokking

Grote opwinding vandaag in alle media. De basisscholen lichten ons op voor zo’n 50 miljoen euro per jaar! Allemachtig. Of eigenlijk: heel goed. Zo kan de bezuiniging van de Minister, met academisch denkniveau, voor het speciaal onderwijs weer goed gemaakt worden. Heeft Nederland toch weer een beetje de VOC mentaliteit. In mijn hart hoop ik dat de Onderwijsinspectie ook zo denkt. Want vanmorgen kopte een regionaal dagblad met vette letters “Kwetsbare leerlingen in de knel”. De inspectie verwacht dat het probleem dat ‘speciale’ leerlingen te weinig aandacht krijgen, alleen maar erger wordt door de invoering van het passend onderwijs. Dat denkt niet alleen de inspectie, dat weet iedereen. Behalve de Minister. OCW zou eigenlijk moeten worden aangeklaagd voor uitlokking, i.p.v. weer een onderzoek in te stellen naar iets dat iedereen al weet, en onvermijdelijk is. En het beleid van de Minister gaat nog veel meer uitlokken, daar kun je vergif op innemen. Als de minister geen interesse in kinderen heeft, mag je de Here op je blote knietjes danken dat de scholen zich buitengewoon inspannen om toch nog de benodigde gelden bij elkaar te schrapen. Dat is het gevolg van “een beleid waarbij je je vingers kunt aflikken”, sprak Rutte.

iPad

Er komt een Steve Jobs school! Groot nieuws dat onmiddellijk DWDD waardig werd bevonden. De iPad als medium tussen de leerling en leraar. De nieuwe trend. Nog vrij kort geleden presenteerde Apple de mogelijkheden om op eenvoudige wijze educatieve software te ontwikkelen, o.a. voor de alom lof toegezwaaide iPad. De aanbevelingen, het schetsen van nieuwe visioenen, oneindig mooie vergezichten werden ons voorgehouden. De nieuwe school staat om de hoek.

Bij het persbericht van Apple stond ook vermeld dat we de prachtige toepassingen van iPad educatie zelf konden aanschouwen bij een aantal met name genoemde reuze uitgevers. Even kijken dus. De verbijstering sloeg toe: we zagen een filmpje van een football stadion, en een bewegende tekst stelde een simpele ingeklede vraag. Iets met een optelsommetje erin. Stuitend dom om te zien. Dat krijg je ervan als je denkt dat als het maar beweegt de kinderen dan iets spontaan leren. Hallo, het gaat erom dat er IN die kinderen wat gaat bewegen, niet op het scherm. De pads openen nieuwe mogelijkheden, en die verdienen het om serieus onderzocht te worden. Maar uiteraard moet alles direct geïmplementeerd worden, zonder enige indicatie wat de invloed is op wat er te leren valt. Vrolijk op weg naar de volgende onderwijsinnovatie ramp?

Nautilus

Alles ligt klaar: een nautilus schelp, een doorgesneden Nautilus schelp, twee denneappels, met gekleurde spiralen erop geverfd, een lijstje van You-Tube filmpjes, grote vellen ruitjes papier (flip-over formaat), viltstiften, en de multimedia hardware. De twintig kindertjes zijn de weken ervoor al bezig geweest met schelpen sorteren en serieëren, en iedereen versteld doen staan van hun interesse en dorst naar kennis, gevoed door nieuwsgierigheid en verwondering. En enkel kind had van oma of opa nog een mooie exoot gevonden en die geclassificeerd als tweekleppige of slak.

Ademloos wordt gekeken naar het filmpje van een zwemmende Nautilus. Wat ziet die er mooi uit! Dan wordt de schelp er bijgehouden in het echt, zo’n 25 cm groot. Even vasthouden natuurlijk. Een presentatie met PP laat enkele aspecten zien van deze bijzondere ‘schelp’ eigenlijk een inktvis: het is een levend fossiel en is in zo’n 500 miljhoen jaar nauwelijks veranderd. Hij heeft een grote kop met ogen die niks zien en zo’n 90 tentakels.
Dan zien ze een foto van de doorsnede. Allemachtig, dat is prachtig:

Ze horen hoe de nautilus groeit, en dat levert gelijk de verklaring voor de prachtige structuur. Dan komt het origineel denken om de hoek: waarom zitten die pijpjes tussen de kamers (zie foto)? Het duurt altijd even, of het nu kleine kinderen, grote kinderen, of op academisch niveau verkerende volwassenen betreft, maar uiteindelijk komt er iemand met de suggestie dat het iets te maken moet hebben met naar boven en naar beneden bewegen. Bingo! Vandaar is het een kleine stap horizontaal manoevreren: “hij blaast zich naar achteren”. De Nautilus: duikboot en raket tegelijk, en een superieure constructie die bestand is tegen een druk van 800 meter water!

Nu wordt het nog spannender: eerst een prachtige animatie van het grien van de nautilus, en dan een meetkundige methode om de Spiraal van de Nautilus te tekenen. De kinderen zijn niet stoppen, en de vellen papier worden aan elkaar geplakt:

Foto’s: Els Feijs
Na de tekening volgt dan (natuurlijk) de Rij van Fibonacci: de lengtes van de zijden van de vierkanten van de tekening. En ook hier zijn ze niet te stoppen:

Ze gaan natuurlijk letterlijk hun getallenboekje te buiten. Out-of-hun-eigen-boxje, als het ware. Maar het verhaal is nog lang niet klaar, want Meester Jan heeft ook nog wat dennenappels meegenomen, en daarbij de kwast gehanteerd:

En dus weer Fibonacci getallen. De verwondering slaat nog verder door naar enthousiasme. De ‘les’ ging nog langer door, maar de essentie staat er al.
Twee weken later deden we de zelfde activiteit met de ouders van deze kinderen. Tja, die kunnen een voorbeeld nemen aan hun kinderen. Dat weten ze nu ook. Ouders Ogen Geven: een geweldige uitdaging.

De LeerFabriek: Over Productie Functies en Toegevoegde Waarde

De Telegraaf schreef met chocoladeletters in haar blad voor wakker Nederland in van 6 januari 2020: Den Haag ontslaat honderden leraren die te weinig Toegevoegde Waarde hebben.
En twee weken later had het Algemeen Dagblad de volgende kop: Primeur: De lijst van alle docenten in Rotterdam met hun Toegevoegde Waarde.
De krant die vroeger de geest scherpte maakte melding van een andere ontwikkeling: Talloze rechtszaken in Amsterdam over Toegevoegde Waarde.

Onlangs maakte ik de lezer gewag van mijn zorgen betreffende de dreiging van voortschrijdendeStalinizering van het onderwijs: te beginnen in de VS, maar op weg naar Nederland gezien het enthousiasme van de huidige minister van onderwijs betreffende de nadruk op rekenen en taal, op toetsen en leerlingachtervolgsysytemen, op eindtermen en referentieniveaus en de zich aftekenende afrekencultuur. Ik heb goed nieuws voor de Minister: de afrekencultuur kan rekenen op gedegen steun van onderwijseconomen. De New York Times raakte geheel enthousiast afgelopen week: “Big Study Links Good Teachers to Lasting Gain”. En met name dan op basisschoolniveau.

Welnu de studie is inderdaad “Big”: twee-en-een-half miljoen leerlingen zijn twintig jaar gevolgd. En uit een presentatie van de onderzoekers zelf citeren we: “veel mensen ondersteunen het streven naar een betere kwaliteit van leerproces”, om dit te vertalen in de vraag: “Hoe krijg je betere leerkrachten”? Een nogal verrassende logica. Maar goed, de aap komt heel helder uit de mouw: “Als je leraren met een hoge toegevoegde waarde voor de klas zet, wat zijn dan de gevolgen op lange termijn?”

Goede vraag. Maar enige toelichting is wel vereist: de toegevoegde waarde wordt gemeten aan de vooruitgang in scores van leerlingen bij gestandaardiseerde toetsen. De gevolgen voor de lange termijn zijn de vooruitgang in inkomen in de rest van je leven. Dus de leraar is goed als de testscores van je leerlingen iets meer omhooggaan dan het gemiddelde. En dat garandeert die leerlingen later zeker een hoger inkomen, al heb je die docente maar één jaar gehad.

Het onderzoek is opgesteld door economen van naam: Raj Chetti en John Friedman van Harvard en Jonah Rockoff van Columbia. Het mag dus nauwelijks verbazing wekken dat hun conceptueel framework start met de “Education Production Function for Scores and Earnings”. U leest het goed: De Onderwijs Productie Functie voor Scores en Inkomsten. Een vorige keer schreef ik over de teloorgang van het kind in het onderwijs. Ik was daarin te vriendelijk, te meedenkend. Het is zo simpel: een school voegt waarde aan producten toe, en de effectiviteit van de lopende band in de fabriek is een simpele kwestie van input/output analyse: het kind gaat erin met een beginscore, de leerkracht bewerkt het product met het oog op scoreverhoging, en aan het eind wordt de score weer bepaald: de toegevoegde waarde staat aldus objectief vast te stellen.

Even de conclusie samengevat voor leken zoals wij: “Als je een leerkracht met een lage toegevoegde waarde 10 jaar lang in je school hebt, in plaats van haar te vervangen door een doorsnee leerkracht, kun je hypothetisch gesproken, spreken van een verlies van twee-en-een-half miljoen dollar”. Of op individueel niveau gesproken: voor een hele klas zou het totale bedrag aan inkomen gedurende het gehele leven van de leerlingen groeien met 266.000 dollar. Daar moet een mooie opgave voor Wiskunde A inzitten voor het CITO.

U bent gewaarschuwd: dit onderzoek gaat grote gevolgen hebben. Onderwijseconomen en politici gooien het straks op een akkoordje. En onze kinderen? Die zijn ze allang uit het oog verloren. De schoorsteen moet roken, de fabriek moet draaien.
O ja, voor ik het vergeet: vervang Den Haag door Washington D.C., Rotterdam door Los Angeles, en Amsterdam door New York, en dat geeft precies de actuele situatie in de VS aan.

Nederland volgt de VS, de VS volgt Stalin

Het was te voorzien: alles wat fout gaat in de VS wordt in Nederland met groot enthousiasme binnengehaald. En het blijft niet beperkt tot Fast Food. Het onderwijs in de VS is van werkelijk onvoorstelbaar laag niveau, zoals in iedere vergelijkende studie blijkt, of het nu PISA, TIMSS, PIRLS of wat voor afkorting dan ook is. De afkorting is irrelevant geworden: de uitkomst staat van te voren vast: het is niks.

Ik ben ervaringsdeskundige: heb niet alleen een jaar wat colleges gegeven, maar ben ook in veel scholen geweest in de VS. Van die heel rijke, waar je steevast mensen van ons Ministerie tegenkomt, die altijd ook zeer onder de indruk zijn. Maar die zie je ook minder in scholen in b.v. Florida, waar de kinderen geen boeken hebben, geen ouders, geen ramen in het lokaal. Dat tekent de VS: een enorme diversiteit, maar niet echt met even grote kansen voor iedereen.

Dertig jaar geleden stond ik verbaasd te kijken naar de vertoetsing van de Amerikaanse maatschappij, en het onderwijs in het bijzonder. Accountability (Afrekencultuur) zag ik voor mijn ogen ontstaan. Dat begrijpen ging mijn beperkte brein te boven. Vrijheid van onderwijs in het meest democratische land ter wereld bleek een ongelooflijke farce.

Bush zag kans de democraten te paaien met de wet ‘No Child Left Behind’. Alle kinderen moeten betere resultaten boeken, ieder jaar moet een school zichtbaar beter presteren, en zo niet dan vliegt de leraar eruit en/of gaat de school dicht. Een giga toetscircus met giga winsten voor een paar uitgevers is het gevolg. Net zoiets als de leerling’achtervolg’systemen in Nederland, maar dan nog veel erger.

De vrijheid van onderwijs is een farce, in de VS. En, als het aan onze Minister ligt, ook in Nederland. Nog meer toetsen, opbrengstgericht werken, eindtermen, referentieniveaus, en een afrekencultuur, zogenaamd in het belang van het kind. Ammehoela. Het is de ultieme uiting van het uniformiteitsdenken dat achter ‘No Child Left Behind’ zit. Alle kinderen altijd toetsen volgens ons opgelegde systeem. Daar groeien kinderen enorm van, vooral hun creatief denken en probleem oplossen.

Onze Minister heeft Rekenen en Taal bijna heilig verklaard. Ik kan U verzekeren dat ‘Science’ zal volgen. De Amerikanen hebben de vakken Science, Math en Technology al heel lang geleden een welhaast sacrale status gegeven. Als die vakken niet op niveau zijn, moeten andere vakken maar even wat minder aandacht geven. In de VS krijgen kinderen op ‘slechte’ scholen (bedoeld wordt: kinderen in arme wijken) geen tekenles, geen sport, geen knutselen. Zoals Obama al zei: “Galileo heeft de wereld veranderd toen hij door zijn telescoop naar het heelal keek, en nu zijn jullie aan de beurt”.

Bijzonder, die uitspraak. Jozef Stalin sprak vergelijkbare woorden, ook Galileo aanhalend, in 1940. En het is ook zeker geen toeval dat een bekende Amerikaanse onderwijsonderzoeker, Lawrence Baines, tot de conclusie komt dat het Amerikaanse onderwijs langzaam, maar onafwendbaar, gestaliniseerd wordt. Hij spreekt zelfs van een militaire operatie die van informeel georganiseerde, locaal gecontroleerde, kind geöriënteerde scholen nu strak gereguleerde, centraal gecontroleerde, opbrengst gerichte scholen maakt.

Ik zei al eerder: het kind is geheel uit het oog verloren. Ons grootste kapitaal wordt vermalen in een eenheidsworsten fabriek. Maar de worstjes glimmen wel mooi hoor. Behalve dan die speciale kinderen. Die zitten in een andere passende machine: weliswaar worden ze geen worst, maar ze kosten dan ook bijna niks. Het zijn eigenlijk een soort nepworstjes. Niet naar omkijken, dus.

U begrijpt het al: wij volgen werkelijk in alle slechte onderwijspraktijken de VS. Het zal wel onze Calvinistische inslag zijn en eeuwige dank voor de bevrijding uit de Duitse knoet. Maar als de Amerikanen nu worden gestaliniseerd ziet het ernaar uit dat onze Minister alvast een voorschot neemt: we zullen ons deze keer door de dekselse Amerikanen niet meer op grote afstand laten zetten: wij beginnen nu ook alvast maar.

Ach, Vygotsky heeft zich waarschijnlijk al vele malen in zijn graf omgedraaid. Zijn kind-georiënteerde theorie werd door de laarzen der communisten vertrapt. Hij zal zich ongetwijfeld nog een keer omdraaien: dat Nederland alles uit de VS importeert is tot daaraan toe, maar dat Stalinisme had toch niet echt gehoeven. Het nieuwste initiatief van de Minister heet, dacht ik, ‘De Leraar Aan Zet’. Te lezen als: ‘De Leraar Afgezet’. Dat U het weet.